28 oktober 2020 Gebruikers online: 18
Agenda
Bonthuis en Vaartjes

Grote archeologische ontdekkingen in Zwartewatersklooster

Geplaatst op: 9 februari 2017

De stroomstoring van woensdagavond dwong Paul Rademaker om zijn lezing over de ridders van het Zwartewatersklooster zonder dia’s te houden, maar dat was geen enkel probleem voor deze bevlogen amateurhistoricus en -archeoloog. Veldschuur ‘Bid en Werk’ was tot aan de laatste stoel gevuld met geïnteresseerden en betrokkenen. In het schamele schijnsel van de noodverlichting hingen de toehoorders aan zijn lippen.

“Paulgie, wat ik oe nou goa vertell’n he’k van mien grootva, en die hef ’t weer van zien grootva en die weer van zien grootva…” Dit waren de letterlijke woorden van de reeds overleden Albert ten Klooster, waar Rademaker jaren geleden op bezoek was. Ten Klooster vertelde Rademaker dat in zijn familie van generatie op generatie doorverteld werd dat de ridders die omgekomen waren bij de Slag bij Ane in 1227, begraven zouden zijn in Zwartewatersklooster. Rademaker, die gek is op de historie van dit gebied, was gefascineerd door dit verhaal. Hij ging op onderzoek uit en kwam hoe langer hoe meer te weten over de bijzondere gebeurtenissen die in dit gebied hebben plaatsgevonden.

En zo vertelt Rademaker in De Veldschuur over Otto van Lippe, Bisschop van Utrecht, die in opstand kwam tegen de Drenten. Hij voer over de Overijsselse Vecht richting Ane om de opstandelingen onder leiding van Rudolph van Coevorden in de pan te hakken, maar dit mislukte. Samen met zijn leger van 150 tot 170 ridders ging hij ten onder bij de Slag bij Ane. De lichamen werden overgebracht naar Zwartewatersklooster, waar ze begraven werden. Hoewel hard bewijs hierover eerst ontbrak, kwam Rademaker aan een Duits boek dat de vertaling was van een Latijnse kroniek. Hierin stond geschreven dat de ridders ‘im Kloster zum Schwarzen Wasser begraben sind’. Voor Rademaker bewijs genoeg dat dit werkelijk gebeurd is.

Het bijzondere is dat het nonnenklooster werd gebouwd als boetedoening voor het sneuvelen van Otto van Lippe. Er zijn ook aanwijzingen dat het klooster een zeer prominente rol vervulde en rechtstreeks bescherming genoot van de paus in Rome. Er bestaat een oorkonde die door maar liefst zeven kardinalen is ondertekend. Gedurende het bestaan van het klooster werden bovendien de namen van alle gesneuvelde ridders elke dag door een koornon opgenoemd in het zogenaamde dodenofficie. Dit werd gedaan om de zielen van de ridders veilig te stellen. Dat het klooster groot moet zijn geweest wordt wel duidelijk wanneer men naar de maquette kijkt die in de Veldschuur aanwezig is. Rademaker geeft aan dat het deels gissen was hoe het klooster eruit zag, maar de maquette zou dichtbij de waarheid kunnen liggen: een grote binnenplaats in een vierkant gebouw dat uit vier opponenten bestaat: een grote kerk waar de zielen verzorgd werden, een gedeelte waar de lichamen verzorgd werden, een gebouw waar gasten ontvangen werden en tot slot een gedeelte waar onder andere de slaapzalen zich bevonden.

Ook de plaats waar het Klooster is verrezen wist men te achterhalen. Rademaker vertelt er enthousiast over: “Bij bodemradaronderzoek worden de bodemlagen in kaart gebracht en komen eventuele overblijfselen aan het licht. In de bovenste lagen was niets zichtbaar, maar toen we dieper kwamen dan 1.5 meter, stuitten we op aanwijzingen dat er een gefundeerd gebouw heeft gestaan. Hoogstwaarschijnlijk – ja, we weten het natuurlijk nooit 100% zeker – is dit het klooster. Ik was zó enthousiast toen we dit ontdekten. Hier doe je het allemaal voor.”

En hoe moet het nu verder met het onderzoek? Gaat het enthousiasme van de Stichting Werkgroep Archeologie Regio Staphorst nog verder dan alleen het reeds uitgevoerde bodemradaronderzoek? “We hebben toestemming van de eigenaar om verder onderzoek te doen. Maar voordat we mogen beginnen met graven, gaan er allerlei procedures aan vooraf. Je moet een plan van aanpak opstellen en er moet bepaald worden welke amateurarcheologen aan het onderzoek mogen deelnemen, etc. Je weet hoe het gaat met aanvragen in Nederland. Soms heb je zo toestemming en soms duurt het jaren voordat je wat mag.” Het ongeduld is van Rademakers gezicht af te lezen, maar hij zal toch nog echt even moeten wachten totdat de overblijfselen van de het klooster en de begraven ridders blootgelegd worden…

Gepubliceerd door Erik Driessen

Reacties zijn gesloten.

Nightstore